Avebe

Avebe is een op de markt gerichte coöperatie van zetmeelaardappeltelers. Van oudsher richtten we ons uitsluitend op het winnen van het zetmeel uit de aardappel. Maar door ontwikkeling van innovatieve technieken halen we nu ook eiwitten uit de aardappel, bedoeld voor de voedingsmiddelenindustrie. En daarmee zijn we er nog niet. De aardappel is voor ons een bron van mogelijkheden met nog meer ingrediënten die tot waarde gebracht kunnen worden. Kortom, we halen eruit wat erin zit!

DROOGTE

DE BAAS

Het teeltseizoen van 2018 stond vooral in het teken van de droogte. Door het extreme groeiseizoen was de opbrengst zetmeelaardappelen zo’n 25 procent lager dan normaal. Nederlandse en Duitse telers moesten alle zeilen bijzetten om de schade te beperken.

DROOGTE

DE BAAS

Het teeltseizoen van 2018 stond vooral in het teken van de droogte. Door het extreme groeiseizoen was de opbrengst zetmeelaardappelen zo’n 25 procent lager dan normaal. Nederlandse en Duitse telers moesten alle zeilen bijzetten om de schade te beperken.

Jan Albert Daling

HEEFT EEN AKKERBOUWBEDRIJF. TEELT OP 120 HECTARE LAND AARDAPPELEN, SUIKERBIETEN EN GRAAN.

“Door veel neerslag in het voorjaar is het teeltseizoen van 2018 voor ons laat op gang gekomen. De regen zorgde ervoor dat de pootdatum steeds verzet werd. We startten laat op. Gelukkig ontwikkelden de gewassen door de  temperaturen in april en mei wel vlot. Daarna kwam voor ons het echte probleem om de hoek kijken, de droogte.”

Teelt op gang houden
“Halverwege juni werd de droogte echt nijpend. Na drie weken droog en zonnig weer werden de effecten zichtbaar. Om de teelt op gang te houden en door het seizoen te trekken, moesten we actie ondernemen. Tegen beter weten in begonnen we eind juni met beregenen. Zeven weken lang, 24 uur per dag. Op tweederde van het aardappelareaal hebben we meerdere keren beregend. Of dit de schade enigszins beperkt heeft? Ik denk het wel. Al hadden we, net als de vele andere aardappeltelers, een matig tot slechte oogst. Toch denk ik dat we door de beregening meer kilo’s van het land konden halen.”

30 procent minder
“We hebben de percelen met groeipotentie zo lang mogelijk uit laten groeien. De laatste aardappelen kwamen eind oktober van het land. De leveringen die voor december 2018 gepland stonden, waren er simpelweg niet. Hierdoor hebben we zo’n 30 procent minder aardappelen kunnen leveren aan Avebe.”

Droogteschade
“We hebben extra werk verzet om de teelt zo goed mogelijk te laten verlopen. We hebben ook extra kosten gemaakt. Er ging bijvoorbeeld iedere week een volle tank met dieselolie door om te kunnen beregenen. Door de droogte hebben we wel minder phytophthora-bespuitingen nodig gehad. Deze aardappelziekte veroorzaakte door het droge en warme weer geen probleem. Vergeleken met collega-akkerbouwers wil ik niet klagen. Wij hebben een gedeelte van de schade vergoed gekregen. Al vanaf het begin hebben we een brede weersverzekering. Door de uitbetaling is een deel van ons verlies gedekt.” 

Nieuwe ronde
“Als we nog een droog seizoen krijgen worden we als akkerbouwers wel erg op de proef gesteld. Er is wel vaker intense droogte geweest in Nederland, bijvoorbeeld in 2003. Maar de droogte van 2018 is echt uniek. Dit jaar wordt het vast beter. Zo niet, dan moeten we toch onze beregeningscapaciteit uitbreiden om voldoende aardappelen te kunnen leveren. We zijn afhankelijk van de natuur. De aardappelen voor het nieuwe groeiseizoen zaten in ieder geval mooi op tijd in de grond." 

Markus Jeberien

HEEFT EEN AKKERBOUWBEDRIJF MET 380 HECTARE AARDAPPELEN, KOOLZAAD, SUIKERBIETEN EN GRAAN.

“In onze regio was de bodem in het voorjaar van 2018 nog erg nat van het jaar ervoor. Toen er vanaf eind april geen regen meer viel, droogde de bodem snel uit. Onze grond is zandig en kan weinig water vasthouden. Om de oogst te redden moesten we eind mei al beginnen met het beregenen van het gewas. Door de langdurige droogte en hitte, droogde de beregende bodem ook weer snel uit.”

Onvoldoende water
“De laatste jaren hebben we gemiddeld zo’n 600 millimeter neerslag per jaar gekregen. Afgelopen jaar was dit slechts de helft; 300 millimeter. De helft van die neerslag viel tussen januari en april. Er was dus veel te weinig neerslag tijdens het groeiseizoen. Vroeg in het jaar startten we met het beregenen van de gewassen. Volgens de Duitse Waterwet mogen we maar een bepaalde hoeveelheid water per jaar gebruiken. Meestal hebben we hier voldoende aan, maar al snel hadden we een groot deel hiervan verbruikt.”

Prioriteiten stellen
“Vanwege de beperkte hoeveelheid beschikbaar water moesten we kiezen welke gewassen we bleven beregenen. Niet alleen de beschikbaarheid van het water, maar ook het gebrek aan een juiste infrastructuur om alle velden te kunnen beregenen leverde uitdagingen op. Onze prioriteit lag bij de aardappelen. We probeerden te redden wat er te redden viel. Dat kostte veel tijd, energie en geld.”

Impact
“De langdurige droogte en hitte heeft een grote impact gehad. De aardappelen groeiden minder en bleven erg klein. Door de beregening ontstond er doorwas. Aardappelen gaan dan kiemen en vormen weer nieuwe knollen die aan elkaar groeien. Het loof hing ook sterk aan de aardappelen. Daardoor was het oogsten moeilijk en kostte het meer tijd. We hebben twintig procent minder opbrengst van het land gehaald. Zo’n extreem droog seizoen heb ik niet eerder meegemaakt. Afgelopen winter is er ook weinig neerslag gevallen, waardoor de bodem nu nog erg droog is. We verwachten ook dit jaar weer vroeg te beginnen met beregenen. Het kan dus een vergelijkbaar moeilijke zomer worden.”